
Columnist Gertien Koster wilde als raadslid een gedenkplek voor veel te vroeg geboren baby’s: ‘Ik snap de ouders volkomen’
29 april 2026 om 12:00 ColumnHARDERWIJK Ik app mijn broer: Raad eens wie er naast mij zit? Hij heeft natuurlijk geen idee. Het is Wim. Mijn vader heette Evert-Willem, maar dat vond hij een lelijke naam. We noemden hem soms Guillaume, Willem op zijn Frans. Na zijn crematie plaatsten we de as in een urnenmuur op De Elzenhof. Nu, twintig jaar later, vraagt de gemeente of we het huurcontract willen verlengen. Dat doen we niet. En daarom staat Wim op mijn achterbank.
Bij het ophalen van de urn maak ik een praatje met een medewerker van de begraafplaats. Ik vertel dat ik jaren geleden, als raadslid, het initiatief heb genomen tot een gedenkplek voor veel te vroeg geboren baby’s. Vanaf vierentwintig weken zwangerschap geldt namelijk de wet op de lijkbezorging. Dat betekent een officiële uitvaart met behoorlijke kosten.
Bij een kortere zwangerschapsduur hoeft dat niet. Er zijn mensen die hun foetus in de tuin begraven, maar als je dan verhuist, laat je gevoelsmatig je kind achter. In het bos kan ook, maar dat moet dan wel heel diep in verband met de dieren. Geen prettige gedachte.
Nog niet zo lang geleden werden deze foetussen vaak verbrand, samen met geamputeerde benen en andere menselijk resten uit het ziekenhuis. Dat is ook een akelig idee en daarom is die gedenkplek zo mooi. Ik zag het voor het eerst in Nijkerk. Een oude dame kreeg daar, vijfenzestig jaar na het overlijden van haar baby, een gedenkplekje. Het emotioneerde haar enorm, ook na al die jaren. Mooi dat er in Harderwijk ook een veldje is waar mensen hun kindje kunnen begraven en gedenken.
Ik ben benieuwd of er regelmatig gebruik van wordt gemaakt en vraag dat aan de beheerder. Hij nodigt me uit om een kijkje te nemen. Ik zie een veldje met allemaal perceeltjes, afgebakend met knuffels en andere spulletjes. Dat was eigenlijk niet de bedoeling, het zouden juist géén grafjes worden, maar ik snap de ouders volkomen.
De dag na het ophalen van de urn moet ik plotseling keihard remmen. De stenen urn valt van de achterbank en breekt. Gelukkig zit er nog een koker in waardoor de as niet door de auto ligt. Toch ben ik volkomen ontdaan. Stom dat ik de urn niet gelijk mee naar huis heb genomen.
Binnenkort strooien we de as uit in het bos, op dezelfde plek als waar die van mijn moeder en mijn eerste echtgenoot zijn uitgestrooid. Daarmee creëerden wij onze eigen gedenkplek.
Gertien Koster















