
Column voorganger Julius de Graaf verlangt naar een manier van leven waarin tijd nog betekenis heeft: ‘Twijfel of nostalgie?’
7 december 2025 om 12:00 ColumnTwijfel of … nostalgie?
De aanvankelijke titel was ‘Ik twijfel”, maar bij het nalezen werd mij duidelijk dat ik eigenlijk helemaal niet twijfelde. Maar wat was dan de reden voor deze column? Toch mijn gevoel dat het beter kan, en dat wij langzaam eigenlijk een minder goede richting zijn ingegaan. Genoeg daarover, nu naar het onderwerp.
Vroeger wisten we precies waar we aan toe waren. Op 11 november liepen de kinderen met lampionnen door de straten, belden aan en zongen liedjes. (Niet te verwarren met het ons door de commercie opgedrongen Halloween). Het lichtje in een uitgeholde biet of lampion van papier, was broos maar echt. Het hoorde bij Sint-Maarten: delen met wie minder heeft, zingen bij de deur, iets krijgen en weer verdergaan. Meestal de zaterdag na Sint-Maarten kwam Sinterklaas aan in het land. Je hoorde hem al in de verte, met liedjes die nog niet naar kerst klonken. De etalages kleurden warm en speels: pepernoten, stoomboot, mijter. En rond 6 december, pas als de goedheiligman weer was vertrokken, werden de winkels groen van de dennentakken en rood van de linten, als opmaat naar de Kerstdagen. Ook werden de kerstbomen ver- en gekocht.
Nu loopt alles door elkaar.
In oktober al klinkt er ‘Jingle Bells’ uit de winkelradio. De Sint-Maartenlampion hangt naast de kerstbal, Sinterklaas wordt weggedrukt tussen rendier en Kerstman. We lijken het ritme kwijtgeraakt, het heilige wachten, het nuchtere genieten van het nu.
Ja, alles gebeurt tegelijk, loopt naast en door elkaar. Dit geeft mij een gevoel dat er iets verloren gaat. Er blijft zo niets meer over om naar uit te kijken, is er geen stilte meer, geen tussenruimte in de tijd. Een mens leeft niet van brood alleen, maar ook van verwachting, van het uitzien naar iets dat komt. Of van even niets, rustig ademhalen en daarna weer focussen op iets nieuws.
Misschien verlang ik niet zozeer naar vroeger, maar wel naar een manier van leven waarin ‘Tijd’ nog betekenis heeft, waarin we weten: nu is het Sint-Maarten, straks Sinterklaas, en dan pas Kerst. Een horizon die telkens verschuift, en die je helpt om adem te halen onderweg.
En toch, ergens gloeit er iets van hoop. Misschien is het niet erg dat de wereld door elkaar loopt, zolang er ergens nog één lichtje brandt dat zegt: wacht even. Zolang iemand een liedje zingt bij de deur, zolang er een kind uitkijkt naar wat komt, kan het nog steeds Kerst worden niet in de etalage, maar in ons hart.
Julius de Graaf
Voorganger H. Catharinakerk














