
Boskap soms goed voor natuur; leven bij Kootwijkerveen beter beschermd
7 juni 2025 om 17:30 Natuur en milieuKOOTWIJK Soms moet er natuur wijken om andere, kostbaardere (want schaarsere) natuur meer kans te bieden. Dat is bijvoorbeeld zo bij het Kootwijkerveen, even ten noorden van de snelweg A1, waar een paar hectare bos is gekapt. Boswachter Alex Plantinga legt ter plekke uit hoe dat zit.
Kees van Reenen
Droog is het zand op het zonovergoten pad door een eveneens droog en kaal golvend terrein. Aan de gele kleur is het pad te onderscheiden van het omringende grijze veld waar wat boomstobben in staan en hier en daar nog een levende boom die gespaard is bij de werkzaamheden van afgelopen winter en voorjaar.
![]()
Vrijgemaakt terrein aan noordzijde Kootwijkerveen, met linksachter verbinding naar heide. - Kees van Reenen
IJZEROER
Alex Plantinga, boswachter publiek bij Staatsbosbeheer, beheerseenheid Veluwe-Noord, kijkt uit over het landschap. Achter hem de bosrand, voor hem, in de laagte, blinkt water, omringd door groen. ,,Dit is een hoogveengebied’’, vertelt hij. ,,In de ondergrond zit een ondoorlatende gliedelaag, een dun laagje verkit ijzeroer. Daardoor blijft er water staan, waardoor in het Kootwijkerveen bijzondere planten en dieren kunnen leven. Dat laagje vormt een soort pan die voorbij dit punt reikt, maar water dat hier viel werd opgenomen door bomen. Door die te kappen kan er weer genoeg water bij het ven komen. Ook is een verbinding gemaakt met de hei hierachter.”
![]()
Boswachter Alex Plantinga zoekt tevergeefs naar een vroeg exemplaar van het vliegend hert. - Kees van Reenen
VERZUREN
Daar komt nog iets bij. ,,Nederlandse natuurgebieden verzuren, ook de Veluwe. Dit ven is van nature zuur, maar als de pH onder een bepaalde waarde komt, wordt het onleefbaar voor onder meer libellenlarven. Eikenblad en dennennaalden die in het water vielen, droegen bij aan de verzuring.” Wel zijn enkele inlandse eiken gespaard, mede voor de hier levende reuzenkever vliegend hert.
![]()
Mannetje noordse witsnuitlibel, een zeldzame soort die voorkomt in het Kootwijkerveen. - Kees van Reenen
GEEN SAVANNE
Het project loopt al langer. Plantinga gebaart naar links: ,,Dat stuk is in 2021 gekapt. Je kunt zien dat alles al begint op te komen: gras, boompjes en ook struikhei uit maaisel dat we hebben uitgestrooid. Dus ook dit blijft geen savanne.” Het gele pad is eveneens nieuw. ,,Eerder liep het daar, dicht langs het water. Om het oeverleven te beschermen, hebben we het afgesloten en een nieuw pad uitgefreesd.”
![]()
Alex Plantinga vindt een zonnedauwplantje op (wild)paadje langs het Kootwijkerveen. - Kees van Reenen
MOUNTAINBIKERS
Twee wandelaars passeren, verder is het stil en dat is precies de bedoeling. ,,We hebben dit pad door middel van bordjes afgesloten voor fietsers. Het gebeurde te vaak dat overstekende slangen of hagedissen werden doodgereden door mountainbikers. Wandelaars hoeven nu ook niet uit te wijken.” Het is een afweging. ,,Een maatregel voor wandelaars kan fietsers benadelen, een maatregel voor de natuur kan recreatie belemmeren.”
![]()
Mannetje gevlekte witsnuitlibel is te herkennen aan de gele achterlijfvlek. - Kees van Reenen
LIBELLEN
In dit kwetsbare gebied heeft de natuur voorrang. Voor deze gelegenheid daalt de boswachter af naar de oever en wijst op veenpluis en tientallen libellen die over het water scheren. Platbuik, viervlek en waterjuffers kan hij aanwijzen en zelfs twee witsnuitlibellen, opmerkelijk zwart met rode vlekken. ,,De sierlijke en de noordse witsnuitlibel komen hier voor, landelijk bedreigde soorten. Kijk, daar dodaarzen. Hé, er zit een jong bij.”
![]()
Waterhoen passeert een dodaars met donsjong op het Kootwijkerveen. - Kees van Reenen
VEENPUTTEN
Aan de zuidkant van het ven is niet gekapt; daar ligt een strook heide die het bos voldoende op afstand houdt, al moet er soms een vrijwilligersploeg heen om vliegdennetjes te rooien. Naarmate Plantinga afdaalt richting het ven wordt de bodem zompiger. ,,Daar zitten veenputten, waar je niet in moet stappen.”
![]()
Aan zuidzijde van het Kootwijkerveen liggen veenputten, met veenmos of water en veenpluis. - Kees van Reenen
VEEL WILD
Behoedzaam zijn weg zoekend wijst hij op een put waar water in staat. ,,Daar zou zomaar een ringslang kunnen liggen.” Vandaag alleen een groene kikker. Stuitend op een wildwissel volgt hij die een stuk. Dat hier veel wild zit en ongetwijfeld ook komt drinken bewezen zojuist al de prenten van onder meer edelhert en vos. Terug op de hoge oever vliegt hem nog iets opmerkelijks voorbij: een groen vlindertje met de toepasselijke naam ‘groentje’. ,,Die houdt van deze randzones.”
![]()
Het groentje is alleen aan de onderkant van de vleugels groen, de bovenzijde is donkerbruin. - Kees van Reenen
TASTAFSTAND
Begrijpelijk dat de provincie dit heeft aangewezen als natuurprioriteitsgebied. Daarom verwacht hij geen toestemming te krijgen om een pad langs de oever te leiden. ,,Ik ben opgegroeid in het Speulderbos en in een ven op de Ermelose Heide liep ik door het water en had ik alles bijna op tastafstand. Pas kwam ik er terug met mijn zoontje en stond er een hek omheen. Tegen honden en paarden, dat begrijp ik, maar ik had er graag een klaphek in gezien. Maar ja, niet alles kan overal.”

















