
Steeds minder libellen: ‘Tel mee in de eigen tuin om zicht te houden op de populatie’
13 juni 2025 om 10:00 DierenREGIO Met de libellen gaat het niet meer zo goed als gedacht aan het begin van deze eeuw. In eerste instantie namen libellen zowel in verspreidingsgebied als in aantal individuen nog toe, maar vanaf ongeveer 2009 is dit veranderd. De verspreiding is gestabiliseerd, maar het aantal individuen neemt duidelijk af.
Hoe het met de stand van de libellen in Nederland gaat, wordt bijgehouden door het meetnet libellen. De Vlinderstichting verzamelt hiermee al sinds 1998 actuele informatie over de veranderingen in de libellenstand. Er zijn in Nederland honderden telroutes uitgezet, die overal op dezelfde manier worden geteld. Dat is minimaal eens in de twee weken, van mei tot en met september. Die routes liggen vrijwel allemaal buiten tuinen, in natuurgebieden en in het agrarisch gebied.
Van 13 t/m 15 juni is er weer de jaarlijkse libellentuintelling. Met een vijver in de tuin waarin geen vissen zwemmen, maar wel water- en oevervegetatie is, dan zijn er zeker ook libellen. Zelfs in tuinen zonder water zijn libellen tegen te komen, op zoek naar insecten om te eten. Welke soorten zitten er in tuinen en hoeveel. Daarom tellen we, wie doet er mee?
SOORTENEr worden twee groepen libellen onderscheiden: de waterjuffers of ‘juffertjes’ en de ‘echte’ libellen. Die laatste term is wat verwarrend, want ook juffertjes zijn libellen. Ze zien er wel heel anders uit. Juffertjes zijn over het algemeen klein en hebben een heel dun achterlijf. De vleugels zijn in rust over dat achterlijf gevouwen. De ‘echte’ libellen zijn vaak groter en hebben een relatief dik achterlijf. De vleugels staan in rust uit elkaar, aan weerszijden van het achterlijf. Van beide kunnen verschillende soorten in de tuin voorkomen. Ze zijn soms lastig te onderscheiden en dat lukt beter met kennis over de verschillende kenmerken. Er zijn op de website van de Vlinderstichting tips om de soorten te onderscheiden.
HOE TELLEN?Libellen houden van zon. Kies een zonnig moment op vrijdag 13, zaterdag 14 of zondag 15 juni. Wandel door de tuin of neem plaats bij de vijver en noteer een kwartier lang alle libellen die er te zien zijn. Tel de waarnemingen niet bij elkaar op om dubbelingen te voorkomen. Geef enkel het hoogste aantal libellen die tegelijk zijn gezien. Bijvoorbeeld eerst drie watersnuffels en daarna twee, dan is het door te geven aantal drie. Dat kan op de website van de tuintelling. Wanneer er op een ander moment binnen de teldagen weer libellen te zien zijn, dan kunnen deze ook worden doorgegeven via een nieuwe telling. Zo kan er vaker worden geteld, mits er steeds bij nul wordt begonnen.
|




















