
Zomerserie: Verzamelaar Rinske Dietz (80) zocht dertig jaar stad en land af voor omvangrijke verzameling keramiek
31 juli 2024 om 17:00 AchtergrondPUTTEN Samen met haar man was Rinske Dietz jarenlang verzamelaar van allerlei keramiek. Ze reisden het hele land af. Dietz, al vijftig jaar woonachtig in Putten, laat met trots haar omvangrijke verzameling zien. „Deze bijzondere collectie vind je nergens.” Dietz komt uit een pottenbakkersfamilie. Haar betovergrootvader kwam uit Friesland en is daar ooit begonnen als pottenbakker. In 1895 vestigde hij zich in Utrecht waar hij een pottenbakkerij begon.
Zijn naam was Klaas Mobach en zijn voorvaderen waren ook al pottenbakker. In Friesland was het heel moeilijk om rond te komen, dus vestigde hij zich in Utrecht. De fabriek aan het Merwedekanaal bestaat nog steeds als Mobach Keramiek en is een rijksmonument. De familie die er nu werkt is de vijfde generatie. Het honderdjarig bestaan in 1995 was een groot feest, met een bekend Belgisch bloemsierkunstenaar die Europees kampioen was en de commissaris van de koningin hield een speech. Dit wekte de interesse van Rinske Dietz. „Mijn moeder was een Mobach en had de keramiek in huis. Ik ben met die potten opgegroeid en was van jongs af aan met klei bezig.”
UNIEKE VONDST
Ergens in een hoek van de pottenbakkerij stond een collectie uit de hele periode van honderd jaar. „Met een paar mensen zochten we uit wat het was, welke glazuren en wie het in welke tijd gemaakt had. We hebben dat jaar twaalf exposities gehad, elke maand één.” Dietz hielp vijftien jaar als vrijwilliger bij het inrichten van exposities en dook in de collectie van de fabriek. Als dank kreeg ze een exclusieve zwarte stoel van keramiek. Zelf deed zij dertig jaar geleden een vondst in Putten. „Achter in een antiekwinkeltje zag ik een kommetje en dat heb ik gekocht. Het bleek uit de collectie van Mobach te komen.”
![]()
Keramiek uit de periode 1910-1930 - Marco Jansen
Dit bleek de aanzet tot het bezoeken van de jaarbeurs in Utrecht, vlooienmarkten, beurzen voor verzamelaars en antiquairs en online op Marktplaats. „Ik heb dertig jaar met mijn man stad en land afgezocht om interessante dingen te vinden en werd steeds kiener op wat van waarde was. In het weekend gingen we op pad en dat is een verslaving geworden. De mooie objecten staan in de huiskamer, de kelder staat nog vol met andere, minder interessante dingen.”
Dietz heeft een rijke verzameling van alles wat er in zo’n 125 jaar gemaakt is, nagenoeg alles is handwerk. Het zijn vazen, kommen, schalen en kannen tot rozenbowl met gaatjes om rozen te schikken.
TOPSTUK
In een wandkast staat de oudste keramiek uit de periode 1895 tot 1925 met veel blauwe bruine en groene objecten. Het ene glanzend, het andere mat. Het oudst is de vlindervaas uit 1895, met de hand gedraaid van keramiek. „De vaas met oren heeft de vorm van een vlinder. Dit is een topstuk. De figuren zijn ingekerfd en ingevuld met vloeibare klei. Dit luistert heel nauw.”
![]()
De oudste potten en uit de jaren 1895 - Marco Jansen
In de andere wandkast staan keukenpotten en theelichtjes uit de periode 1910 tot 1920, de art nouveau stijl. „Ik heb een paar heel bijzondere potten uit 1930 die asymmetrisch zijn, met verschillende oren; dit is de art deco stijl. Ik heb ook kostbare potten en vazen uit de jaren 1923 tot 1928 met metaal in het glazuur. Dat zijn drie topstukken, die kun je haast niet meer vinden. Het komt allemaal van Mobach. Het ging toen al naar Amerika, nu gaat het naar Japan en het Midden-Oosten.”
![]()
Een collectie keramiek in de jaren 1910-1930 - Marco Jansen
VERDWENEN VAAS
Ze noemt het een uit de hand gelopen hobby. „Er staan heel dure vazen, maar er zijn ook stukken van vijftien euro. Ik heb een bol waar je een lampenkap op kunt zetten. Ik kon ook een bloemenvaas uit 1928 tot 1930 op de kop tikken die mijn moeder ooit gehad heeft. Die zag ik op tafel staan op een foto van mijn moeder, dat was nog voor de oorlog. Ik kende hem vanuit huis, maar hij was verdwenen.”
Dietz wilde altijd eerst alles zelf zien. „Een keer was een verkoper er zelf niet en liet zijn partner het stuk zien. Ik zag een barstje en dat heb ik toch niet genomen, want dan is het zoveel minder waard.” Ze heeft lampen uit de jaren ‘70, vazen uit de jaren ‘60. In de tuin staan twee grote potten van zestig centimeter hoog met hortensia’s. „Soms gebruik ik het als het formaat me uitkomt. Ik zit nooit verlegen om een vaas.”
Dietz, nu tachtig jaar oud, is wel gestopt met verzamelen. ,,Mijn man is net een maand geleden overleden. Ik doe het nu wat rustiger aan. Ik heb altijd van kunst gehouden. Het moet spannend zijn, net even anders, dat is waar naar ik zocht.”











